De gemeenteraad van Achtkarspelen heeft een motie aangenomen die kinderen en jongeren een actieve rol geeft in de formatie na de gemeenteraadsverkiezingen van 2026. Dit besluit markeert een belangrijke stap naar meer inclusiviteit en erkenning van de stem van de jeugd in de lokale politiek.
Politiekverslaggever Rijk de Bat
In een levendig debat heeft de gemeenteraad van Achtkarspelen een motie aangenomen die kinderen en jongeren een plek aan de formatietafel geeft. Het doel is om hun leefwereld en de impact van beleidsvoornemens op toekomstige generaties mee te nemen in de besluitvorming. De motie, gesteund door meerdere partijen en een zelfstandig raadslid, werd met enthousiasme ontvangen door de jongerenraad, vertegenwoordigd door Robina van der Wal en Jeldert Weening.
"Jongeren zijn niet alleen de mensen van nu, maar ook van de toekomst," benadrukte Robina tijdens haar toespraak. Ze wees op het belang van structurele verankering van jongerenparticipatie in het gemeentelijk beleid. De jongerenraad wil graag actief betrokken worden bij het vormgeven van deze participatie, zodat het niet slechts bij mooie woorden blijft.
Tjitske Veenstra van GroenLinks prees de jongeren voor hun inzet en benadrukte dat de motie niet alleen door de raad, maar ook door de jongerenraad zelf is opgesteld. "Jongeren en kinderen hebben de toekomst. Ze zijn gelijkwaardige inwoners van onze gemeente, maar zonder directe invloed in de politiek," aldus Veenstra. Ze benadrukte dat de uitvoering van de motie niet ingewikkeld hoeft te zijn, gezien de bestaande structuren zoals de kinderburgemeester en de jongerenraad.
Niet iedereen was echter direct overtuigd. Albert van Dijk, een zelfstandig raadslid, uitte zijn zorgen over de haalbaarheid en wenselijkheid van de motie. Hij stelde dat kinderen en jongeren nog volop in ontwikkeling zijn. "Het vormen van een bestuur en het maken van beleid is een volwassen aangelegenheid," betoogde Van Dijk.
Toch wist de motie voldoende steun te krijgen. Jeffrey Graansma van de PVV gaf aan dat hij aanvankelijk twijfelde, maar uiteindelijk overtuigd werd door de uitleg dat jongeren niet verplicht zijn deel te nemen en dat hun betrokkenheid zich zal richten op onderwerpen die aansluiten bij hun leefwereld.
De motie werd uiteindelijk aangenomen, waarmee Achtkarspelen een belangrijke stap zet naar een meer inclusieve en toekomstgerichte politiek. De jongerenraad heeft aangegeven graag verder in gesprek te gaan over de praktische invulling van hun rol aan de formatietafel. "We zijn trots op deze stap en kijken uit naar de samenwerking," aldus een enthousiaste Robina van der Wal na afloop van de vergadering.
Samenvatting van het voorstel
De gemeenteraad van Achtkarspelen overweegt een motie om kinderen en jongeren actief te betrekken bij de formatie na de gemeenteraadsverkiezingen van 2026. Het doel is om hen een gelijkwaardige en veilige plek te geven aan de formatietafel, zodat hun leefwereld en de impact van beleidsvoornemens op toekomstige generaties worden meegenomen. De raad wil in het participatiebeleid vastleggen hoe kinderen en jongeren bij relevante beleidsprocessen betrokken kunnen worden. Dit initiatief komt voort uit de constatering dat kinderen en jongeren momenteel geen structurele invloed hebben op het gemeentelijke formatieproces, ondanks dat zij de gevolgen van de beslissingen ondervinden. Het betrekken van de jeugd kan leiden tot nieuwe ideeën en beleid dat beter aansluit bij hun behoeften. De motie wordt gesteund door meerdere partijen en een zelfstandig raadslid, terwijl één raadslid tegen is.
Documenten
-
Analyse van het document
Titel en Samenvatting:
De motie "Geef kinderen en jongeren een plek aan de formatietafel" roept op tot de actieve en gelijkwaardige betrokkenheid van kinderen en jongeren bij de formatie na de gemeenteraadsverkiezingen van 2026 in Achtkarspelen. De motie benadrukt dat deze betrokkenheid veilig en toegankelijk moet zijn en aansluit bij hun leefwereld. Het doel is om kinderen en jongeren te betrekken bij beleidsvoornemens die hen aangaan, in lijn met artikel 12 van het VN-Kinderrechtenverdrag. De motie stelt voor om in het participatiebeleid vast te leggen hoe kinderen en jongeren bij relevante beleidsprocessen kunnen worden betrokken.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is redelijk volledig in haar opzet. Ze biedt een duidelijke visie en onderbouwing voor de betrokkenheid van kinderen en jongeren in het formatieproces. Echter, specifieke details over de uitvoering en praktische stappen ontbreken, zoals hoe deze participatie concreet vormgegeven zal worden.
Rol van de raad:
De raad speelt een cruciale rol in het aannemen en implementeren van deze motie. Ze moet toezien op de integratie van kinder- en jongerenparticipatie in het participatiebeleid en de participatieverordening.
Politieke keuzes:
De raad moet beslissen in hoeverre en op welke manier kinderen en jongeren betrokken worden bij de formatie. Dit omvat keuzes over de methoden van participatie en de mate van invloed die aan hen wordt toegekend.
SMART en Inconsistenties:
De motie is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden). Hoewel het doel duidelijk is, ontbreken meetbare criteria en een tijdsgebonden plan voor implementatie. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de praktische uitvoering blijft vaag.
Besluit van de raad:
De raad moet besluiten om de motie te ondersteunen en de voorgestelde wijzigingen in het participatiebeleid en de participatieverordening door te voeren.
Participatie:
De motie benadrukt het belang van participatie door kinderen en jongeren en stelt voor om dit structureel te verankeren in het gemeentelijke beleid.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is niet expliciet genoemd, maar de betrokkenheid van jongeren kan indirect bijdragen aan duurzame besluitvorming door rekening te houden met de lange termijn impact van beleidskeuzes.
Financiële gevolgen:
De motie vermeldt geen specifieke financiële gevolgen of hoe deze gedekt worden. De implementatie van participatieprocessen kan echter financiële middelen vereisen, bijvoorbeeld voor faciliteiten en begeleiding. Het is belangrijk dat de raad deze aspecten onderzoekt en adresseert.